´Ik ben grappig maar nu even niet’ van Edward van de Vendel, verschenen voor de Maand van de Filosofie, Querido, 10+

Het thema van de Maand van de filosofie is dit jaar ‘Ken onszelve’. Voor het zevende jaar op rij wordt in het kader hiervan een kinderboek geschreven en uitgegeven. Na Annelies Verbeke, Bibi Dumon Tak, Mirjam Oldenhave, Joke van Leeuwen, Yorick Goldewijk en Marco Kunst kreeg Edward van de Vendel dit jaar de opdracht. De titel Ik ben grappig maar nu even niet ligt in de lijn van zijn recente dichtbundels en verwijst naar de ambitie van Ebbe (11 jaar) om stand-up comedian te worden.
Het lachen is hem een beetje vergaan sinds er twee Oekraïense vluchtelingen op de benedenverdieping van huis wonen. De eerste twee jaar kan hij het nog uitstekend vinden met de iets oudere Miko die voor hem is gaan voelen als een grote broer. Ze gamen veel, kijken samen naar comedyfilmpjes en verzinnen grappen. Het boek begint als de sfeer is omgeslagen en hun moeders vaak ruzie hebben. Ebbe loopt tegen een muur aan als hij met Miko wil praten. Wanhopig probeert Ebbe een gesprek af te dwingen. ‘Niemand hier praat met niemand! Wat is dit nou voor huis?’.
Een even naïeve als aandoenlijke verzoeningspoging levert een begin van begrip op voor de bewoners van hetzelfde huis. De voortdurende oorlog in Oekraïne laat zijn sporen na en Ebbe leert dat mensen er verschillend mee omgaan. Waar de een graag wil praten, verkiest de ander het zwijgen. Maar hoe kun je elkaar begrijpen als je niet met elkaar praat?
Ebbe vertelt zijn verhaal in een lang verslag aan zijn schooljuf in een poging, zoals hij zelf schrijft, zijn humor terug te vinden. Van de Vendel zou zichzelf natuurlijk niet kennen als hij geen spitsvondig stijlmiddel inzet. De keuze past goed bij de beperkte lengte van het boekje dat losjes gaat over de vraag hoe goed we onszelf en anderen kennen en begrijpen. Soepel en met veel humor stipt de schrijver een paar wezenlijke vragen onnadrukkelijk aan.
Ebbe schrijft aan de juf te hopen met het verslag zijn humor terug te vinden. Spoiler: dat lukt wonderwel en culmineert in een fantastische afsluiting.


