Aziatische sprookjes. Verhalen uit China, Japan, Vietnam en Zuid-Korea. Tekst: Pete Wu. Illustraties: Enzo Pérès-Labourdette. Gottmer, 5+
Deze bespreking stond op zaterdag 9 oktober 2026 in het Friesch Dagblad

De titels van veel van de sprookjes uit deze verzameling verraden meteen uit welk deel van de wereld ze komen. ‘De trouwe kraanvogel’, ‘Waarom de waterbuffel alleen gras eet’ en ‘De legende van de kleverige rijstcakejes’. Journalist en programmamaker verzamelde de Chinese verhalen die zijn moeder hem vroeger vertelde. Hij voegde er sprookjes uit Japan, Vietnam en Zuid-Korea aan toe. Het eerste sprookje ‘De grote dierenrace’ legt het fundament onder de bundel omdat het over een bekend Aziatisch fenomeen gaat dat kinderen ook kennen: de jaartelling met dieren.
De Jadekeizer is kwijt in welke periode hij leeft en deelt op advies van zijn vrouw de tijd op in jaren. Hij organiseert een wedstrijd voor dieren, waarbij de twaalf winnaars in volgorde van binnenkomt een jaar naar zich vernoemd krijgen. Verschillende dieren gaan de uitdaging aan en spoeden zich naar het paleis. Os lijkt te winnen maar dan springt er een Rat uit zijn oor die als eerste over de eindstreep gaat. Het Konijn, de stoere Tijger en sierlijke Draak volgen en in eendrachtige samenwerking steken Aap, Geit en Haan op een vlot de Wilde Rivier en arriveren op tijd bij de keizer. Varken arriveert als laatste en Kat vond het wel prima, die ligt lekker te spinnen. Wu sluit het verhaal af met: in welk dierenjaar ben jij geboren?
Dat doet hij vaker, het aanspreken van lezers, waardoor de verhalen dichterbij komen. Ook stapt hij soms even uit het verhaal, zoals in het sprookje over zoon van de drakenkoning. Daar wordt het plan gerealiseerd om het kind van een koningin uit de dood wordt terug te halen. Wu zet daarbij: ‘Dat kan namelijk in sprookjes als je het maar hard genoeg probeert’. De toevoegingen maken de sprookjes minder statisch en toegankelijker, net als de kleine moderniteiten die de auteur zich veroorlooft. Er wordt op date gegaan en gerolschaatst, wat buiten de tijd van de verhalen valt. Wu past meer elementen aan deze tijd aan door een rijkere diversiteit, zonder dat de verhalen aan eigenheid verlezen. Het blijven klassieke verhalen die vaak beginnen met ‘lang, lang geleden’ of ‘er was eens’, en lang en gelukkig afsluiten.
‘Aziatische sprookjes’ is zowel wat vormgeving als illustraties betreft een schitterende uitgave met een bijzonder omslag en een leeslint. Prijzenswaardig dat een uitgeverij daar zoveel in investeert. De keuze voor Enzo Pèrés-Labourdette als illustrator pakt gelukkig uit. Het boek liep vertraging op door zijn winst in Heel Holland Bakt in 2022, als eerste veganistische bakker. Het illustreren verdween tijdelijk op de achtergrond, maar gelukkig niet voorgoed. Zijn prenten zijn sierlijk en een tikje mysterieus, waardoor ze perfect aansluiten bij de sfeer van de Aziatische vertellingen. Soms net schilderijtjes, zoals een prachtig portret van een kraanvogel.
Een van de hoogtepunten in tekst en beeld is het hilarische Zuid-Koreaanse verhaal ‘De vrouw die de wind mee had’. Over Ji-an die haar winden ophoudt, maar ze voor het eerst laat als haar schoonfamilie erop aandringt. Haar scheten verwoesten het huis, maar zorgen er later voor dat de daechu-boom de rijke oogst aan dadels laat vallen. Ji-an wordt in genade aangenomen en als ze voortaan een scheet moet laten? ‘Dan liep ze naar buiten, naar de boomgaard van de familie’. Een verhaal dat gegarandeerd voorleessucces oplevert, helemaal met de grappige tekeningen.
Een fijne bundel die een onbekend verhalengebied voor kinderen ontsluit en alleen daarom al van waarde is.


