‘De eerste Alix’ van Anna Woltz, Querido, 10+

Alsof ze op een filmset is beland. Dat denkt Alix als ze tijdens het onweer naar een andere tijd wordt verplaatst. Het tijdreizen zelf wordt beperkt tot het vonken van de hersens en een rilling door de aarde. Logisch, want tijdreizen kan helemaal niet, stelt Alix zelf vast. Maar het fijne van literatuur is dat het wel kan en dus is ze ineens in 1926. Als lezer accepteer je dat zonder bedenkingen. Alix was onderweg naar het politiebureau omdat haar moeder is opgepakt. En nu stapt ze honderd jaar eerder in een oldtimer op weg naar een ongewis avontuur. Prima toch, waarom ook niet.
Anna Woltz gaat lekker los op het beschrijven van die periode, de roaring twenties. Mooie auto’s en bijzondere kleding, al helemaal in het landhuis waar Alix terecht komt. De lezer wordt weldadig in die sfeer ondergedompeld en Alix kan er ook best aan wennen. Een prachtig decor voor het avontuur dat volgt.
Omdat ze op iemand lijkt, wordt Alix gerekruteerd als privédetective die een moord moet oplossen. Na een driedaagse opleiding, Woltz laat er geen gras over groeien, wordt Alix naar het landhuis gestuurd waar iemand onder verdachte omstandigheden is overleden. Ze wordt teruggehaald als een soort verloren dochter en ondanks enige argwaan, geaccepteerd binnen de familie die natuurlijk van slag is door de moord. De bewoners verdenken elkaar en biechten dat op bij Alix die de spil is in een soort Agatha Christie.
Misschien is het minst interessante van het boek nog wel wie de moord heeft gepleegd. Het draait vooral om de sfeer, de omgeving, de omgangsvormen en etiquette van de jaren 20. En om de transformatie van Alix zelf. Ze is een angstig meisje dat zichzelf omschrijft als iemand die de keuze voor ander broodbeleg al een risico vindt. En ze is heel intelligent en slim, maar dat probeert te verbloemen omdat je er niet populair van wordt. In haar rol als privédetective wordt ze juist geacht de wijsneus uit te hangen. Alix ontdekt wie ze kan en wil zijn en overwint haar angsten. Een andere laag die Woltz aanbrengt is een feministische. De jaren 20 is de tijd waarin het vrouwenkiesrecht net is ingevoerd, vrouwen serieuzer wordt genomen en meisjes langzaam meer zouden mogen. Maar dat gaat nog niet vanzelf, het meisje dat naar de kunstacademie wil, moet dat enorm bevechten.
De eerste Alix is geestig en spannend en vaardig geschreven zoals Woltz dat zo goed kan. Met slimme verwijzingen naar de verschillen in de tijd. Bij een diefstal concludeert Alix bijvoorbeeld dat roven in deze tijd natuurlijk nog hip is omdat Nederland nog koloniën heeft. Oh ja, die moord wordt opgelost, maar interessanter en verrassender is de wending waardoor het boek een soort familie-epos wordt en de titel ineens op zijn plek valt. Misschien niet de meest literaire en gelaagde Woltz, wel een hele leuke!


