Dit is zo'n boek dat zich moeilijk laat omschrijven en waarvan iedere poging tot samenvatten mank gaat en stompzinnig zal overkomen. Toch maar een poging: een puber wordt aangesteld als God van het nogal onbeduidende planeetje aarde. De echte goden hebben wel iets beters te doen. De jongen is nauwelijks droog achter de oren en krijgt een adjudant toegewezen: meneer B.
Hij frommelt de aarde in elkaar, maar ja, wat krijg je voor elkaar in zes dagen. En was het wel zo'n goed idee om mensen te maken die op hem zelf lijken en ze dan ook nog de heerschappij over de rest te geven? Bob (want zo heet God) is vooral druk met puberzaken: veel slapen, masturberen en fantaseren over meiden. Hij ontdekt de dierenverzorgster Lucy op wie hij tot over zijn oren verliefd wordt. Meneer B. probeert ondertussen de orde op de aarde te handhaven maar dat valt niet mee. De weersomstandigheden worden vooral bepaald door de voortdurende stemmingswisselingen van Bob. Hij brengt apocalyptische overstromingen teweeg.
Dan is er nog een alcoholistische en pokerende moeder en een eigenaardig huisdier dat met de dood wordt bedreigd. Dat klinkt vrij stompzinnig en dat is het ook, ware het niet dat het verhaal is geschreven door Meg Rosoff, die als geen ander een fictieve constructie geloofwaardig weet te maken. Ze is briljant in het scheppen van een wereld, om in de stijl van het verhaal te blijven. In het begin was er...Bob is een krankzinnig boek en leest als een heftige psychose. Dan weer grappig of hilarisch, en dan weer flauw en bijna kinderachtig, aansluitend bij de stemmingwisselingen van Bob.
Teveel duiding en ontrafeling slaat de plank maar mis, het is een boek waaraan veel valt te beleven maar waar iedere lezer het zijne uit moet halen. Rosoff speelt met het scheppingsverhaal en de invloed van de godenwereld maar met de God van het christendom en de bijbel heeft het weinig van doen. Behalve de dreigende en apocalyptische sfeer waarin de auteur in het motto al naar verwijst met een citaat over Job waarin hij vraagt 'waarom ik' en God antwoordt: 'Je hebt iets over je wat me razend maakt'. Hier is het niet zozeer de mens als de God zelf die er een enorme knoeiboel van maakt.
In het begin was er...Bob (in het Engels heeft het boek de onbegrijpelijke titel There Is No Dog) is vooral een absurde liefdesroman waarin de onmogelijkheid centraal staat. Bob wil met Lucy en Lucy wil met Bob maar dat is niet eenvoudig en lukt uiteindelijk ook niet. Rosoff houdt de aandacht vooral vast door haar weergaloze stijl. Ze kiest niet voor de makkelijke weg en probeert en experimenteert en dat pakt ook wel eens verkeerd uit. Door alle zijstapjes valt er soms geen touw aan vast te knopen. Maar haar boeken (dit is pas haar 6e) blijven een genot om te lezen. Rosoff hoort bij de top van de hedendaagse jeugdboekenschrijvers en bewijst dat opnieuw met deze even krankzinnige als gedurfde roman.
De Engelse titel is helemaal niet onbegrijpelijk: Bob is dyslectisch en ziet op een gegeven moment ergens de graffitekst "There is no God" staan, maar leest daar vervolgens "There is no dog" in...
Heb jij de Engelse versie gelezen Maria? Denk dat het in de vertaling is gesneuveld. Volgens mij doel jij namelijk op de passage die is vertaald als: 'geboeid staarde hij naar de felgekleurde volgekladde muur van een oud pakhuis terwijl de feloek langzaam langsdreef. Daar stond: GOD BESTAAT NIET'.
Ik heb inderdaad de Engelse versie gelezen en klopt, het was deze passage. Zo zie je maar weer hoe een titel van heel begrijpelijk in onbegrijpelijk kan veranderen ;).
Nu snap ik het dankzij jou gelukkig wel Maria. En begrijp de vertaalster ook wel dat ze voor deze oplossing heeft gekozen.
Ja, ik ook hoor. Rosoff is bij Jenny de Jonge altijd in zeer vakkundige handen!
Ik vond het echt een heel vreemd boek, af en toe mooi geschreven met een goed verhaal en af en toe niet te begrijpen met een verhaal dat te raar is. En het einde vond ik een beetje teleurstellend...
Volgens mij is de naam Luke van die andere dierenverzorger trouwens ook afgeleid uit de bijbel van Lucas...
De auteur Meg Rosoff is vorige week in Nederland geweest en inderdaad heeft zij vaker de vraag gekregen of Luke komt van Lucas uit de bijbel. Meg heeft hier niet aan gedacht maar zij vertelde wel dat iedereen mag denken en lezen wat hij of zij vindt dus als je denkt dat Luke van Lucas komt dan is dat prima. Inderdaad hebben wij nogal geworsteld met de vertaling van de titel. Bob is dyslectisch en god - dog ligt dan voor de hand maar een letterlijke vertaling gaat niet op. In plaats van de uitdrukking OMG wordt in Engeland ook vaak OMD (o my dog, als grap) gebruikt, zo kwam Meg daarop.
Wij dachten dat bijna iedereen wel de eerste regel van de bijbel kent en vandaar dat wij als Nederlandse titel In het begin was er... Bob hebben gekozen. Eeerst wilden we nog In den beginne.. doen maar dat klonk toch iets te ouderwets.
En ja ook ik vind Meg een fantastische auteur die je iedere keer verrast.
Thille Dop, uitgever Moon